Menu

'Wat is een bruisende binnenstad?' door Rupert Parker Brady

Je hoort het steeds meer om je heen en leest het in allerlei beleidsstukken en krantenartikelen. Het zoemt rond: ‘bruisend’. Ik weet dat Aspro 500 bruist en dat je er hard voor moet werken om je relatie bruisend te houden, maar bij ‘bruisende binnensteden’ moet je onherroepelijk denken aan uitgaan, thuiskomen en genieten. Het roept positieve emoties op, maar het zegt ook weer heel weinig. Steden van klein tot groot gebruiken het om aan te geven dat ze goed bezig zijn. Koppel bruisend maar aan Zoetermeer, Amersfoort, Den Helder, Nijmegen, Goes, Rotterdam, Groningen, Delft, Vlaardingen, Harderwijk, Culemborg, Zwolle, Borculo, Enschede, Tiel, Hilversum en Almelo. Bij al deze steden zijn er stakeholders die pleiten voor een ‘bruisende binnenstad’. In Groningen betekent een bezuiniging op de evenementenagenda (van 300.000 euro naar 125.000 euro) voor 2014 minder geld voor het stimuleren van de aantrekkelijkheid en verlevendiging van de binnenstad. In de media verschijnen dan berichten dat de binnenstad ‘minder bruisend’ wordt. De gemeente ziet het vanzelfsprekend anders: ‘Ondanks het kleinere budget rekent de gemeente ook dit jaar weer op veel extra bezoekers.’

 

Dat ‘bruisend’ door uiteenlopende partijen gebruikt wordt om hun eigen agenda naar voren te schuiven, maakt het begrip van wat de beste plan van aanpak is, er zeker niet beter op.


Zo pleit zelfbenoemd ‘ondernemersvriend’ Hans de Boer in zijn nieuwe rol van werkgeversvoorman voor een fikse stimulering van de binnenlandse economie. “Het treintje van de Nederlandse economie gaat rijden met bruisende binnensteden en twee jaar subsidie voor starters op de woningmarkt”. Naar de smaak van De Boer moeten consumenten langer in de binnensteden willen verblijven om een leuke tijd te hebben en geld uit te geven. En ik weet als ik dit zeg, dat er wel weer een paar hoogleraren roepen dat dit niet kan. Bij deze roep ik het kabinet op om niet te luisteren naar de hoogleraren, maar naar Hans!


Zijn pleidooi heeft bijval gekregen van INretail bij monde van voorzitter Jan Meerman die ook de voorman is van Detailhandel Nederland: ‘Waarom zouden we niet bouwen aan de mooiste binnensteden ter wereld en zorgen voor ongekende groeikansen voor MKB-bedrijven?’ Ondertussen wordt er bij Koninklijke Horeca Nederland gewerkt aan een nota met, u raadt het al, de titel bruisende binnensteden. Want ook horecaondernemers hebben belang bij meer levendigheid.


En dan is er nog de nota ‘De kracht van de binnenstad’ van Kees Verhoeven, Tweede Kamerlid namens D66 en voorheen directeur MKB Amsterdam. De notitie van voorjaar 2014 heeft een paar voortreffelijke aanbevelingen voor de binnenstad van morgen die met alle respect een stuk concreter zijn dan het rapport van de Shopping2020 expertgroep De Nieuwe Winkelstraat. Verhoeven heeft er mede voor gezorgd dat via de media de term ‘bruisende binnensteden’ een eigen leven is gaan leiden.


Graag pleit ik voor vermindering van de inflatie aan kwalificaties die nietszeggend zijn en ook niet leiden tot een beter begrip van wat er moet gebeuren. Of het nu gaat om ‘bruisend’, ‘het Nieuwe Winkelen’, ‘shopping2020’, ‘De Nieuwe Winkelstraat’ of ‘Smart City’. Je kunt je bovendien afvragen of het realistisch is dat steden die geen budget hebben en diep in de problemen zitten (leegstand, demografie, geen aantrekkelijke winkels en horeca, slechte bereikbaarheid), zich proberen vast te klampen aan de notie dat het allemaal goed komt als hun binnenstad meer bruisend wordt. Die steden, en het zijn er meer dan je denkt, hebben echt een groot probleem. Neem Terneuzen (52.000 inwoners). Een typisch voorbeeld van een gemeente die groter is dan het servet, kleiner dan het tafellaken. De stad is fantastisch gelegen aan de Westerschelde, maar kent een grote beperking buiten hun eigen schuld om. De tunnel, waar je, op Nederlands grondgebied nota bene, 5 euro tol betaalt om van Zuid-Beveland met de N62 naar Terneuzen te komen. En als je terug wilt naar Vlissingen of verder, betaal je nog een keer hetzelfde bedrag. De bewoners van Antwerpen en Gent weten Zeeuws-Vlaanderen wel te vinden, maar Terneuzen staat vanwege het ondermaatse winkel- en horeca-aanbod niet hoog op de bezoeklijst. In de Detailhandelsvisie van de gemeente staat dat het centrum van Terneuzen (25.000 inwoners) het ‘recreatieve winkelhart’ van de gemeente moet worden. Het is de vraag hoe realistisch dat is.


Er zijn legio steden die in 2015 mee willen doen aan de verkiezing Beste Binnenstad. Dat Venlo volgens Atlas Nederlandse Gemeenten mede door lage prestaties op de indicatoren ‘woonaantrekkelijkheid’ en ‘sociaal-economisch’ onderaan de ranglijst van top-50 gemeenten bungelt, doet niets af aan de uitverkiezing Beste Binnenstad van Nederland 2013-2015. Deze prijs is een beloning voor jarenlang hard werken om de leefbaarheid, gezelligheid, aantrekkelijkheid en bereikbaarheid van de binnenstad voor elkaar te krijgen. Wat daarbij telt is de focus om vanuit gemeenschappelijke waarden, respect voor elkaars verschillen en een gezamenlijk doel vooruitgang te boeken met als resultaat een kloppend hart dat verrassend prettig is om te verblijven. Natuurlijk is het werk nog lang niet af, maar dat geldt ook voor Den Haag.

 

Venlo centrale plein

Den Haag centrum Het Plein


Het hart van de hofstad ontwikkelt zich al 15 jaar in een stijgende lijn, en dat geldt ook voor de trots van de Hagenezen op hun centrum. Weer betaalt de focus en gemeenschappelijke inzet zich uit in klinkende munt als het gaat om bezoekersaantallen en nieuwe formules. Voor wie zich de Grote Marktstraat nog kan herinneren van rond de eeuwwisseling, het contrast is enorm groot in positieve zin. Het bruist er echt in de zin van activiteit, vernieuwing, passanten en levendigheid. Slechts vijf minuten lopen van het iconische pand van Marks & Spencer (high street allure) tref je het altijd zonnige Plein, een oase van rust en ontspanning waar je altijd prima kunt parkeren. Met als ‘nieuwste’ attractie het Mauritshuis dat een echte trekpleister is voor toeristen.


Natuurlijk spelen in de beste grote binnenstad van Nederland ook kwesties waar niemand trots op is. Dat politiek Den Haag bereid is te leren van gefnuikte prestigeprojecten die honderden miljoenen kosten, blijkt wel uit het besluit om samen met marktpartijen een nieuw plan te maken voor het Spuikwartier. Belangrijke winst voor de stad is dat er niet langer gekeken wordt naar een gebouw (het Spuiform), maar naar het hele gebied, waarbij de publieke ruimte centraal staat. Dat klinkt behoorlijk bruisend in mijn oren. Behalve een onderwijs- en cultuurcomplex, biedt Spuikwartier mogelijkheden voor wonen, horeca en detailhandel. Kijk, dat is voor mij het bewijs dat Den Haag dubbel en dwars de prijs verdient.


Het lerend vermogen van gemeenten in combinatie met de wil om samen te werken met alle marktpartijen en bewoners vanuit een duidelijke focus zorgt voor consistentie en kwaliteit. Daarbij gaat het er niet om te concurreren met de top-15 steden, waardoor je ook je ambitieniveau naar beneden bij kunt stellen en meer grip hebt op wat je wel kunt bereiken. Een Primark of een H&M is niet voor iedereen weggelegd, koester daarom meer je lokale helden en zoek naar je unieke DNA.


Ik maak me langs deze weg hard voor de term: ‘Betere Binnensteden’. Aangezien de meeste binnensteden nooit aanspraak kunnen maken op de kwalificatie ‘beste’ is de wil om winkelgebieden te verbeteren al goed genoeg. Rekenschap gevend van de beperkingen die de meeste kleine en middelgrote steden hebben in termen van geld, middelen en attractiewaarde.  Het gaat niet om een beauty-contest, het gaat erom dat je slim bezig bent en kansen grijpt. Vaak is dat het bekende laaghangende fruit.
Ik weet zeker dat ‘betere binnensteden’ ook best op hun eigen manier kunnen bruisen.

 

LR-Rupert-02       Rupert Parker Brady  
       Jurylid Beste Binnenstad 2013-2015

       Founder en Chief Activatie Officer Retail Visie Platform

      

       rupert@retaildenkers.nl


 

 

 



Reageren

 
Herman Loykens op 23-09-2014
Zie mijn reactie, op de door Rupert geopende discussie, in Retail Denkers